Gesteld door Harmen op 20 mei 2010 – 234 stemmen

We wachten af..

D66 wil dat wij in 2050 geen fossiele brandstoffen meer gebruiken.
Dit willen wij niet alleen omdat bij gebruik van die brandstoffen broeikasgassen uitgestoten worden, maar ook omdat wij voor fossiele brandstoffen steeds meer afhankelijk worden van andere regio’s in de wereld voor onze energie, zoals het Midden-Oosten of Rusland.
Om onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen wil D66 een aantal maatregelen nemen:
Ten eerste verplichten wij de energieleveranciers om een groeiend aandeel duurzame energie te leveren: 10% in 2010, 15% in 2015, 30% in 2020, 95% in 2040 en en 100% in 2050.
Of dat wind, water, zon of andere duurzame bronnen wordt staat wat ons betreft open. Dit zal bepaald moeten worden enerzijds door de markt (wat is op een kostenefficiente manier te realiseren) en anderzijds door de samenleving (accepteren we windmolens in de achtertuin, of betalen we liever iets meer om ze op zee te zetten).
Ten tweede willen wij met de woningcorporaties afspreken dat zij slecht geisoleerde woningen beter gaan isoleren. Voor huurders betekent dit dat de huur iets verhoogd wordt, maar de energierekening gaat fors omlaag waardoor zij uiteindelijk goedkoper uit zijn.
Ten derde wil D66 de mobiliteit verduurzamen door sterk vervuilende voertuigen hogere belastingen te laten betalen en schonere voertuigen lagere (waaronder hybride en elektrisch).
Energiebesparing, duurzame energieproductie en vergroening van onze economie zijn niet alleen noodzakelijk om de aarde in de nabije toekomst leefbaar te houden. Ook de kinderen van de toekomst hebben recht op een schone wereld.
De fossiele brandstoffen raken op en zorgen voor vervuiling. Bovendien komen deze brandstoffen uit instabiele regio’s als Rusland en het Midden-Oosten. Dit geldt evenzeer voor grondstoffen als brandstoffen. Ons land wordt in toenemende mate afhankelijk van deze gebieden. Er moeten daarom maatregelen komen om de beschikbaarheid van energie en grondstoffen voor onze samenleving ook in de toekomst zeker te stellen. De VVD wil toe naar schone en hernieuwbare vormen van energie. Dit biedt kansen voor het milieu en onze economie.
De komende jaren zullen we grotendeels nog afhankelijk blijven van fossiele brandstoffen. Daarom is een betere spreiding van het gebruik van fossiele bronnen en andere primaire energiebronnen nodig. We kunnen ons niet veroorloven om opties buiten beeld te houden. Kernenergie is nodig vanuit het oogpunt van zelfvoorziening en klimaatdoelstellingen. Daarnaast moeten we fors inzetten op energiebesparing en het bepalen van de wenselijke energiemix voor de komende decennia.
De VVD ziet het vraagstuk van duurzame energie niet somber in. Integendeel. Juist ook voor de economie liggen er grote kansen in het exporteren van onze kennis over schone technologieen. Zo werken we aan een schoner milieu, maar ook aan meer banen. Wij willen dat Nederland minder afhankelijk wordt van fossiele brandstof, zuinig omgaat met energie en dat de uitstoot van CO2 wordt teruggebracht. De VVD maakt de komende jaren een bedrag van 450 miljoen euro vrij om innovatie in schone en hernieuwbare energie te stimuleren.
Lang, te lang hebben we geleefd alsof het allemaal niet op kon. Maar het kan wél op. De oerbossen kunnen op, de zoetwaterbassins kunnen op, onze schone lucht kan op, voedsel kan op, vruchtbaar land kan op en energievoorraden kunnen op. En sinds het uitbreken van de kredietcrisis weten we dat ook het geld op kan. En dat helpt. In tegenstelling tot de ver-van-mijn-bed-rimpeling die een smeltende Noordpool en een voortrazende voedselcrisis de afgelopen jaren veroorzaakten, treft die kredietcrisis ons vol in het materiële hart.
Opeens zijn we ruw wakker geschud uit onze roes. Alsof iemand de TL-verlichting aanzet op het hoogtepunt van het feest. Nog knipperend van het licht staan we elkaar aan te kijken, zoekend naar de schuldige. Wie heeft het feest verpest? Waren het graaiers van Wallstreet? Waren het de politici die niet wilden opletten toen dat wel nodig was? Waren het de roekeloze huizenkopers in Amerika? Iedereen zoekt amechtig naar de daders, zodat we die eruit kunnen zetten, de lampen weer uit kunnen doen en het feest kunnen voortzetten.
Maar dat is een illusie. Er heeft vast een onverlaat het licht aangedaan, maar de chips en het bier hadden we toch echt met zijn allen zelf al opgemaakt. Een gehele wereldbevolking laten consumeren als een Europeaan vergt een planeet zo groot als twee maal de Aarde. Onze huidige samenleving is de houdbare grenzen gepasseerd. The party is over. En nu moet er snel opgeruimd worden. Niet omdat onze ouders zo thuis komen, maar voor onze kinderen. Dat schept verplichtingen. Deze keer komen we er niet met het snel onder het tapijt vegen van de glasscherven en wat Glorix. We komen er dus niet met het redden van banken, met het verbeteren van het financiële toezicht en het aanpakken van de bonussencultuur. Dat is allemaal Glorix. Er zijn structurele veranderingen nodig.
Ik hoor u al zuchten. Bespiegelingen over de houdbaarheid van onze levensstijl worden vaak geassocieerd met het einde van het optimisme. Met donderpreken dat we allemaal naar de bliksem gaan. Het omgekeerde is het geval. Wij zijn niet alleen het probleem, wij kunnen vooral ook de oplossing zijn. Als het ooit mogelijk was, is het nu. Nooit in de geschiedenis was er een generatie zo slim, zo rijk, zo gezond en met zo velen als de onze.
Wij kunnen een arsenaal aan schone energiebronnen neerzetten waarmee we het equivalent van meer dan honderd miljoen vaten olie per dag aan energie kunnen produceren. En juist voor Nederland zijn er daarbij ongekende mogelijkheden. Met onze ingenieurs, waterbouwbedrijven en met onze havens zijn we een potentiële wereldspeler op het gebied van windenergie op zee. En er dienen zich ook andere, nog mooiere ontwikkelingen aan. Uit de overgang tussen zoet- en zoutwater is energie te halen. Dat klinkt onwerkelijk maar het kan echt. Koperdraadje in het zoete water, koperdraadje in het zoute water, aan elkaar knopen en je hebt stroom. In werkelijkheid is het wat ingewikkelder, maar ik zal u de details besparen. Het kan echt en het is een energiebron met enorme potentie, want overal ter wereld stroomt zoet rivierwater de zoute zee in. En Nederland bezit ’s werelds grootste zoet zout waterscheiding, de afsluitdijk, hier 30 kilometer vandaan, zoet water aan de ene kant, zout aan de andere. Daar kun je met deze energievorm het equivalent van twee grote kolencentrales opwekken. En we hebben een koppositie in het onderzoek dat nodig is om deze energiebron tot wasdom te brengen. Hier om de hoek, bij het instituut Wetsus.
Dat kan dus allemaal. Wij zijn in staat om onze ouders te overtreffen in hun reis naar de maan. Wij kunnen de zon grijpen.
Dat lukt echter alleen als we ons optimisme over de mogelijkheden van duurzame technologie niet wederom laten ontsporen in de overmoed van de afgelopen decennia. De tijd van de makkelijke energie uit olie en gas is definitief voorbij. En de zon levert ons weliswaar voldoende energie om een welvarende samenleving draaiende te houden, maar zonder een zekere matiging van onze decadentie strandt iedere poging om onze economie binnen de grenzen van ons ecosysteem te houden. Technologie vermag veel, maar is uiteindelijk niet opgewassen tegen de waanzin van een opblaasbare Jacuzzi voor in de achtertuin.
We dienen ons te realiseren dat er de komende jaren belangrijker zaken aan de orde zijn dan ons eigen particuliere feestje. Dat de toekomst van onze kinderen belangrijker is dan instant bevrediging en dat het welzijn van ieder individu meer gebaat is bij collectieve welvaart dan bij particuliere rijkdom.

Er moet inderdaad nu actie worden ondernomen om te investeren in duurzame energie!
De zorg die de vraagsteller heeft, is zeer terecht. Als we in het huidig tempo aardgas blijven gebruiken en exporteren dan zit Nederland over 30 jaar zonder aardgas. Niet alleen in het kader van duurzaamheid is het belangrijk om hiervoor een oplossing te vinden, maar ook in economisch opzicht. Want ons aardgas levert de Nederlandse staatskas maar liefst € 20 miljard op! Als dat over 30 jaar wegvalt, hebben we een enorm groot economisch probleem. Er moet actie ondernomen worden en wel nu.
Als SP doen we dat door innovatie, energie-efficiënte en energiebesparing:
Innovatie: De Gasunieconstructie – waarbij Shell en Esso 50 procent van de opbrengst van het gas krijgen – wordt als het aan de SP ligt ongedaan gemaakt. Geld dat hierdoor vrijkomt wordt gestopt in een investeringsfonds voor duurzame energie.
Er moet meer publiek onderzoek komen naar alternatieve energiebronnen en duurzaamheid. SP wil dat ook bedrijven worden gestimuleerd om in onderzoek te investeren.
Energie besparen: De SP wil dat er geïnvesteerd word in duurzame producten en voorzieningen. Bijvoorbeeld zuinigere auto’s, het isoleren van huizen en het investeren in openbaar vervoer. Wij willen het plaatsen en gebruiken van zonnepanelen voor particulieren gemakkelijker maken. Daarnaast vinden wij dat kerosine fiscaal hetzelfde moet worden behandeld als benzine. Kerosine is nu accijnsvrij, waardoor vliegen een enorm concurrentievoordeel heeft ten opzichte van andere vervoerswijzen. Dit terwijl vliegen (vooral voor de afstanden onder de 1.500 kilometer) buitensporig vervuilend is.
Energie-efficiënte: Elektriciteitsbedrijven moeten hun energie nuttig gebruiken. 50% van de energie die elektischiteitsbedrijven nu produceert wordt maar gebruikt, de andere 50% gaat de zee of rivier in. Als SP willen wij dat de energiebedrijven meer gebruik gaan maken van zone- en windenergie. Daarvoor is nodig dat de energiebedrijven die nu in publieke handen zijn, publiek bezit blijven en dat we dit uitbreiden, om zo zeggenschap over onze energiemaatschappijen te hebben. SP stimuleert gemeenten die alleen of gezamenlijk een duurzaam gemeentelijk of regionaal energiebedrijf willen oprichten.

Niemand weet precies wanneer de olie- en gasvoorraden opraken. De schattingen daarover lopen uiteen. Dat komt onder meer doordat de OPEC-landen niet willen zeggen hoeveel olie ze precies in voorraad hebben. Dat fossiele brandstoffen, zoals olie en gas opraken, is een gegeven. De kans dat wij dat nog meemaken is groot. Zeker voor olie. Het winnen van olie wordt nu al steeds moeilijker en duurder. Bovendien gaat de winning van olie op zee gepaard met grote milieurisico’s, dat zien we nu ook in de Golf van Mexico. We gaan steeds verder uit de kust boren en steeds dieper. Dit met alle gevolgen van dien.
GroenLinks investeert in energiebesparing en duurzame energie: in zon- en windenergie bijvoorbeeld. Dan hebben we helemaal geen kernenergie of kolencentrales nodig. Uranium is net als olie een eindige energiebron. Als we nu vol aan de bak gaan, dan kunnen we al vanaf 2050 al onze energie uit hernieuwbare bronnen halen. Dan heb je fossiele brandstoffen niet meer nodig. Een volledig hernieuwbare energievoorziening is schoon, biedt ons energiezekerheid en maakt ons minder afhankelijk van instabiele regio’s in de wereld. Bovendien is investeren in een groene economie ook goed voor de werkgelegenheid. Elke windmolen die we bouwen levert zeven nieuwe banen op. Door innovatie te stimuleren en meer te investeren in kenniseconomie wil GroenLinks van Nederland weer een voorloper in de wereld maken.
We wachten af..

Het CDA heeft ten aanzien van het energievraagstuk al jarenlang een heldere lijn. In de wetenschap dat fossiele brandstoffen eindig zijn en schaarste onoverkomelijk zal leiden tot hogere energieprijzen, is het noodzakelijk een aantal wegen tegelijkertijd te bewandelen. Allereerst zal ingezet moeten worden op besparing van brandstof. Dat mes snijdt immers aan twee kanten. De burger is goedkoper uit en de beschikbare brandstof gaat langer mee. Nederland is een innovatief land en er komen steeds meer en steeds betere energiezuinige apparaten. Als tweede weg kiest het CDA voor duurzame, alternatieve energie, zoals windenergie, zonnecellen, aardwarmte enzovoorts. Via stimuleringsmaatregelen is de inzet hiervan flink toegenomen. Omdat duurzame energie nog achterblijft bij de behoefte vindt het CDA het verantwoord om in een overgangsfase kernenergie in te zetten. Plannen daarvoor zouden snel ontwikkeld kunnen worden. Als vierde pad is CO2 opvang een manier om de schadelijke effecten van fossiele brandstoffen te lijf te gaan.
Het uiteindelijke doel is onafhankelijker te worden als Nederland van de import van energie en over te gaan op duurzame energiebronnen. De wereld van onze kinderen is bij het CDA in vertrouwde handen.